Fotoboek  Darmonderzoek scopie

De dokter heeft afgesproken dat je een onderzoek van de dikke darm moet ondergaan. Dit heet met een moeilijk woord Coloscopie. Jouw dikke darm is ongeveer een meter lang.
Moet alleen het laatste stukje van je darm bekeken worden, ongeveer 40 cm., dan heet dat een sigmoïdoscopie.
Bij een scopie onderzoek bekijkt de dokter je van binnen met een scoop.

Een scoop is een lange soepele slang met aan het begin een kleine camera. Een soort kijkslang dus. In je lichaam is alles donker, daarom zit er ook een lampje in de slang. De dokter kan zo je dikke darm goed van binnen bekijken en zien of er bv. ontstekingen zitten. De slang gaat via je bips naar binnen en is dunner dan je pink.

Het is een vervelend onderzoek, maar gelukkig mag je vader of moeder bij je blijven. Als je het fijn vindt een knuffel mee te nemen, mag dat natuurlijk. Om het een beetje makkelijker voor je te maken, krijg je voordat het onderzoek plaats vindt, een slaapmiddel. Het onderzoek duurt ongeveer 15 tot 20 minuten, inclusief de voorbereiding ongeveer 30 minuten.
 

Vorige Volgende

Om er voor te zorgen dat de dokter je dikke darm goed kan bekijken, is het nodig dat deze goed schoon is.
Daarom ga je de dag voor het onderzoek al beginnen met het schoonmaken van je darmen, zodat alle poep eruit is. Dit gebeurt met een laxeermiddel, wat je van de dokter of zuster krijgt.
 

Op de dag van het onderzoek kom je naar de kinderafdeling van het ziekenhuis. Je mag dan drie uur voor het onderzoek niet meer eten. Wel mag je tot 2 uur voor het onderzoek wat water drinken.
Als je diabetes hebt, wordt in overleg met de arts vastgesteld hoeveel insuline je moet hebben en wat je nog wel mag eten voor het onderzoek.
 

Op de kinderafdeling krijg je een kamer en een pyjama aan. Ook krijg je een polsbandje om met je naam. Je mag ook zelf een pyjama of een lang T-shirt meenemen als je dat prettiger vindt.

 

Om je een beetje rustiger te maken voor het onderzoek krijg je een medicijn waar je slaperig van wordt. Het medicijn krijg je via een naaldje met een klein slangetje in je arm. Dit heet een lockje of waaknaaldje. Hiernaast kun je zien hoe dat eruit ziet.
Het prikje wordt op de kinderafdeling door een kinderarts gegeven, je kunt eerst toverzalf op je arm krijgen zodat je huid een beetje verdoofd is en je het prikje haast niet voelt.
Het medicijn krijg je pas in de scopiekamer.

 

Als het tijd is, wordt je in bed naar de scopieafdeling gebracht. De zuster en je vader of moeder gaan met je mee.
Natuurlijk mag je ook je knuffel meenemen.
 

Je wordt in deze kamer naar binnen gereden, dit noemt men de “holding”. Dit is een wachtkamer, hier wordt alvast jouw bloeddruk gemeten.

Zo gauw je aan de beurt bent, wordt je de scopiekamer in gereden, hier vind het onderzoek plaats. In deze kamer is het een beetje donker. Hier staat het scopieapparaat met een beeldscherm, hierop kan de dokter tijdens het onderzoek jouw darmen van binnen zien.

Je moet nu op de onderzoekstafel gaan liggen. Van de dokter krijg je nu het slaapmiddel door het slangetje in je arm dus je krijgt niet nog een prikje. Je vader of moeder mag bij je blijven en je knuffel natuurlijk ook.
 

Op je vinger krijg je een soort knijper. Met een moeilijk woord heet deze knijper saturatiemeter. De dokter kan hiermee in de gaten houden hoeveel zuurstof er in je bloed zit.

Om je arm krijg je een bloeddrukmeterband. Deze band wordt opgepompt en meet je bloeddruk. Dit doet geen pijn, maar het voelt een beetje strak. Ook hiermee houdt de dokter je tijdens het onderzoek goed in de gaten.

 

Als alle voorbereidingen klaar zijn moet je op je linkerzij gaan liggen en je knieën zover mogelijk optrekken naar je kin. Het onderzoek gaat nu beginnen.

Voordat de dokter de scoop (kijkslang) in je bips schuift, doet hij er eerst een beetje zalf op zodat de slang makkelijker naar binnen glijdt. Ook krijg je een beetje zalf op je bips. Het naar binnen glijden van de slang kan een drukkend gevoel in je buik geven. Je kunt ook een beetje kramp in je darmen krijgen. Probeer rustig door te ademen en goed naar de zuster te luisteren. Hoe rustiger je blijft, hoe beter het onderzoek gaat.

Om nog beter te kunnen kijken, wordt er tijdens het onderzoek wat lucht in je darm geblazen. Dit geeft een opgeblazen gevoel. Als de dokter het nodig vindt, kan hij tijdens het onderzoek hele kleine stukjes weefsel uit je darm halen. Hier voel je bijna niets van. Deze stukjes weefsel worden dan later verder onderzocht. Na ongeveer 7 dagen heeft de dokter de uitslag.

Als het onderzoek klaar is, ga je weer terug naar de “holding”(wachtruimte). De zuster van de kinderafdeling wordt gebeld en komt jullie weer halen. Je gaat dan weer terug naar de kinderafdeling, waar je goed wakker wordt. Als je goed wakker bent, mag je een beetje drinken en eventueel iets eten (tenzij de dokter iets anders heeft afgesproken)

Het onderzoek is nu helemaal klaar.